Na de voorstelling van de beleidsbrief 2009 van de minister van onderwijs, diende de meerderheid op voorstel van Anissa Temsamani een motie van aanbeveling in waarin ze hun prioriteiten voor de laatste maanden van deze legislatuur beklemtonen.
1°. ten aanzien van onderwijs en vorming verder een beleid te voeren dat kwaliteit garandeert, scholen, personeel, ouders en leerlingen ondersteunt, de gelijke kansen van scholen en leerlingen op onderwijs en vorming van hoge kwaliteit bevordert en aandacht heeft voor gedeelde verantwoordelijkheden;
2°. de DBFM vennootschap op te richten en een financiële partner te selecteren, zodat schoolgebouwen kunnen gerealiseerd worden en er op die manier ook bijgedragen wordt aan een financiële impuls aan de Vlaamse economie.
3°. een voorstel van geactualiseerde eindtermen en ontwikkelingsdoelen Nederlands, naast de voorstellen voor moderne vreemde talen, techniek, natuurwetenschappen en de vakoverschrijdende eindtermen aan het Vlaams Parlement voor te leggen;
4°. een ontwerp van decreet in te dienen dat zorgt voor een betere onderwijsparticipatie van kleuters door de regelmatige deelname aan de laatste kleuterklas te omschrijven als een inschrijvingsvoorwaarde voor het eerste leerjaar van het lager onderwijs;
5°. ouders beter te betrekken bij de onderwijsloopbaan van hun kinderen door een ontwerp van decreet in te dienen dat de engagementsovereenkomst tussen ouders en school regelt;
6°. een duidelijk optimalisatie- en rationalisatiekader voor het hoger onderwijs uit te werken, voorafgegaan door een maatschappelijk debat op basis van het Rapport Soete, zodat een aantal optimalisatie- en rationalisatieprojecten kunnen van start gaan;
7°. het ontwerp van decreet betreffende een generieke kwalificatiestructuur, die mobiliteit over de grenzen mogelijk maakt, helderheid over de bereikte kwalificaties garandeert en uitnodigt tot vervolgtrajecten in het perspectief van levenslang en levensbreed leren voor te leggen aan het Vlaams Parlement;
8°. een ontwerp van decreet in te dienen om het Hoger Beroepsonderwijs (HBO) concreet vorm te geven, gaandeweg nieuwe programmaties mogelijk te maken en bestaande programma's in het HBO te integreren;
9°. een ontwerp van decreet in te dienen betreffende het ondersteunen en waarborgen van de kwaliteit van scholen en de controle erop;
10°. het overleg met het onderwijsveld en Vlaams Parlement verder te zetten om te komen tot voldoende draagvlak om een nieuw zorgkader te ontwikkelen dat een oplossing biedt voor leerlingen met zorgbehoeften in het gewoon en buitengewoon onderwijs;
11°. maatregelen te nemen om de krapte op arbeidsmarkt voor onderwijs te bestrijden door deze arbeidsmarkt aantrekkelijker te maken voor huidige en toekomstige personeelsleden, om de diversiteit in het lerarenkorps te versterken, om de zij-instroom uit andere sectoren aan te moedigen en om het systeem van cumulatie van opdrachten zowel binnen en buiten het onderwijs te vereenvoudigen en aantrekkelijker te maken. Deze maatregelen moeten vertrekken vanuit de vaststelling dat het lerarenkorps vergrijst en er meer kinderen geboren worden, wat zich onder meer vertaalt in een tekort aan leerkrachten kleuteronderwijs, vanuit de vaststelling dat steeds minder mannen kiezen voor een loopbaan in het onderwijs en vanuit de vaststelling dat er een tekort aan onderwijzend personeel dreigt voor specifieke vakken;
12°. om in overleg met de sociale partners een nieuw stelsel van bekwaamheidsbewijzen voor het volwassenenonderwijs uit te werken en andere aspecten van de regelgeving zoals de prestatieregeling hiermee in overeenstemming te brengen;
13°. een aanzet te geven te geven voor de hervorming van het secundair onderwijs, die als input kan dienen voor het regeerakkoord van de volgende regering;
14°. de communicatie over de nieuwe procedures voor het bekomen van de school- en studietoelage verder te zetten, de efficiëntie ervan verder te bewaken, het pro-actieve beleid te versterken ten aanzien van de rechthebbenden met het oog op een volledige participatie van de doelgroep en verder werk te maken van de automatische toekenning van deze toelagen;
15°. voorstellen te doen en middelen ter beschikking te stellen voor een verbetering van de nascholing van onderwijzend en beleidsvoerend personeel en de aantrekkelijkheid en mogelijkheid van bedrijfstages van leerkrachten in het secundair onderwijs te verhogen, met voldoende oog voor de problematiek van vervangingen en het in kaart brengen van het aanbod vanuit de bedrijven;
16°. een ontwerp van Basisdecreet Hoger Onderwijs in te dienen ten einde de bestaande decreten op het hoger onderwijs te coördineren en voor de bepalingen rond personeel en financiering de latere coördinatie van deze bepalingen in dit ontwerp alvast te garanderen;
17°. verdere initiatieven te nemen rond kostenbeheersing in het secundair leerplichtonderwijs ten einde de verschillen wat betreft schoolkosten voor ouders tussen scholen en studierichtingen te verkleinen;
18°. maatregelen te nemen om het taalbeleid zowel wat betreft het aanleren van het Nederlands als het vreemdetalenonderwijs te implementeren op elk onderwijsniveau en in de opleiding en nascholing van leerkrachten;
|